Bij Oncode Institute werken onderzoekers uit heel Nederland samen aan baanbrekend kankeronderzoek. Achter die wetenschap staat een organisatie die onderzoekers ondersteunt, samenwerkingen mogelijk maakt en ervoor zorgt dat wetenschappelijke doorbraken uiteindelijk hun weg vinden naar de patiënt.
Als Managing Director geeft Bertholt Leeftink richting aan de langetermijnstrategie van Oncode Institute. Tegelijkertijd zet hij zich in voor de mensen en samenwerkingen die het onderzoek mogelijk maken. In dit interview vertelt hij over zijn werk, de ontwikkelingen die hem inspireren en hoe hij buiten zijn werk nieuwe energie opdoet.
Hoe ziet jouw werk als Managing Director eruit?
Mijn belangrijkste taak is om de juiste voorwaarden te creëren zodat collega's en onderzoekers hun werk zo goed mogelijk kunnen doen.
Intern betekent dat dat ik managers en teams binnen de organisatie ondersteun. Extern zorg ik ervoor dat Oncode een sterke positie behoudt binnen het onderzoekslandschap en aantrekkelijke samenwerkingspartner blijft voor organisaties en financiers die onze missie ondersteunen.
Een groot deel van mijn werk bestaat uit gesprekken met onderzoekers, partnerinstituten en andere organisaties over de koers van Oncode. Samen met Scientific Director Jean Paul Medema werk ik aan de langetermijnstrategie, zodat we kunnen blijven bijdragen aan onze ambitie: het verbeteren van het leven van mensen met kanker.
Hoe verbindt Oncode wetenschap, patiënten en maatschappelijke impact?
Een van de unieke kenmerken van ons model is dat we onderzoekers langdurig en zonder inhoudelijke beperkingen financieren. We investeren niet in losse projecten, maar in excellente onderzoekers. We geven hen het vertrouwen en de ruimte om de meest veelbelovende onderzoekslijnen te volgen.
Tegelijkertijd zetten we sterk in op valorisatie. Onze business developers werken al in een vroeg stadium samen met onderzoekers, vaak nog voordat een project officieel van start gaat. Doordat zij goed weten wat er in de laboratoria gebeurt, kunnen zij kansen vroeg signaleren en helpen om veelbelovende ontdekkingen sneller richting de klinische praktijk te brengen.
Voor mij is een wetenschappelijke publicatie dan ook niet het eindpunt, maar juist het begin van een volgende fase. De echte vraag is hoe we kennis en ontdekkingen kunnen vertalen naar behandelingen, technologieën en toepassingen die uiteindelijk het verschil maken voor patiënten.
Op welke ontwikkelingen ben je het meest trots?
Ik ben trots op de manier waarop wij onze onderzoeksgemeenschap ondersteunen. In veel financieringssystemen besteden onderzoekers veel tijd aan het schrijven van subsidieaanvragen, terwijl de kans op toekenning vaak beperkt is. Wij kiezen bewust voor een andere aanpak. We selecteren excellente onderzoekers en geven hen de ruimte om hun wetenschappelijke visie verder te ontwikkelen.
Ook ben ik trots op ons valorisatieteam. Zij spelen een belangrijke rol bij het vertalen van wetenschappelijke ontdekkingen naar toepassingen die daadwerkelijk impact kunnen hebben voor patiënten.
Daarnaast ben ik trots op de samenwerking die we met KWF hebben opgebouwd. We delen dezelfde ambitie en werken samen op basis van vertrouwen, wederzijds respect en een gezamenlijk doel: betere uitkomsten voor mensen met kanker.
Er zijn ook onderzoeksprojecten die mij bijzonder inspireren. Zo onderzoekt één project hoe hormonale cycli de effectiviteit van behandelingen tegen borstkanker kunnen beïnvloeden. Als vervolgonderzoek deze resultaten bevestigt, kan dat leiden tot betere behandelstrategieën voor veel vrouwen.
Een ander veelbelovend project onderzoekt of immunotherapie vóór een operatie betere resultaten oplevert dan de huidige behandelvolgorde voor bepaalde patiënten met darmkanker. Als dat inderdaad zo blijkt te zijn, kan dit niet alleen de uitkomsten voor patiënten verbeteren, maar ook de behandelbelasting verminderen en de zorgkosten verlagen. Dit soort ontwikkelingen laat zien hoe onderzoek niet alleen impact heeft op patiënten, maar ook kan bijdragen aan een toekomstbestendige gezondheidszorg.
Wat helpt jou om je werk goed te doen?
Wat mij het meest helpt, is de open en samenwerkingsgerichte cultuur, zowel binnen onze onderzoeksgemeenschap als binnen de organisatie zelf. We zijn een relatief kleine organisatie, waardoor de lijnen kort zijn en ideeën gemakkelijk met elkaar kunnen worden gedeeld.
Daarnaast vind ik het inspirerend om te werken in een gebouw waar meerdere life sciences-organisaties zijn gevestigd. Er is een sterke gemeenschap van mensen die vanuit verschillende organisaties werken aan hetzelfde doel: het versterken van het Nederlandse life sciences-ecosysteem.
Misschien wel het belangrijkste is dat ik word omringd door mensen die zich met veel toewijding inzetten voor onze missie. Oncode trekt collega's aan die gedreven zijn om echt verschil te maken. Dat maakt samenwerken niet alleen inspirerend, maar geeft ook veel energie.
En buiten je werk? Wat weten mensen misschien nog niet over jou?
Vorig jaar ben ik een maand gaan backpacken door Indonesië met mijn twee zoons en de partner van mijn oudste zoon. Het was de eerste keer in bijna 25 jaar dat ik zo'n reis maakte.
We reisden langs verschillende eilanden, maakten wandelingen, ontdekten nieuwe plekken en beleefden veel samen. Juist de vrijheid maakte de reis bijzonder. Behalve de vluchten hadden we niets vastgelegd. Iedere dag besloten we opnieuw waar we naartoe wilden.
Voor mij draaide die reis vooral om samen ervaringen opdoen, herinneringen maken en echt tijd met elkaar doorbrengen. Juist dat maakt de reis, als ik erop terugkijk, zo waardevol.